Er zijn zoveel bijzondere weetjes over bijen dat je er versteld van staat. Een honingbij vliegt tot 25 kilometer per uur en slaat haar vleugels zo’n 200 keer per seconde. En dat is nog maar het begin. Bijen zijn veel complexer dan ze op het eerste gezicht lijken: ze communiceren, nemen beslissingen en zorgen voor een groot deel van ons voedsel.
Weetjes over bijen: de lichaamskracht van een bij
Een bij weegt maar een fractie van een gram, maar presteert indrukwekkend. Ze kan een lading nectar of stuifmeel bij zich dragen die bijna even zwaar is als haarzelf. Dat is alsof jij een andere volwassene op je rug draagt terwijl je rent. De zes poten van een bij hebben speciale korfjes (pollenbundels) waarmee ze stuifmeel verzamelen en vervoeren.
Die vleugelslag van 200 keer per seconde is ook de reden dat je bijen hoort zoemen. Het is geen geluid uit een strottenhoofd, maar het trillen van de vleugels zelf. Hoe warmer een bij is, hoe harder ze zoemt. Bij koud weer kunnen bijen zelfs moeite hebben met opstijgen.
Hoe een bijenkorf van binnenuit werkt
In een gezonde bijenkorf leven naar schatting 40.000 tot 80.000 bijen. De meeste zijn werksters: onvruchtbare vrouwtjes die nectar verzamelen, jonge larven voeren, was produceren en de korf verdedigen. Een werkster leeft in de zomer maar zo’n zes weken. In die periode vliegt ze duizenden kilometers en produceert ze slechts een twaalfde theelepel honing.
De koningin doet iets heel anders: ze legt op haar drukste dagen tot 2.000 eieren per dag. Ze wordt gevoerd met koninginnengelei, een speciaal voer dat werksters aanmaken. Datzelfde voer bepaalt ook of een larve een gewone werkster wordt of een nieuwe koningin. Niet de genen, maar het voer maakt het verschil.
Darren (de mannelijke bijen) hebben één taak: de koningin bevruchten. Na de paring sterven ze. In de herfst, als er minder voedsel is, worden de darren door de werksters de korf uitgegooid.
De bijendans: een eigen taal
Bijen communiceren via dans. Wanneer een verkenster een goede voedselbron heeft gevonden, voert ze in de korf een zogenoemde kwispeldans uit. De richting van de dans geeft aan waar de bloemen staan ten opzichte van de zon. De duur van de dans geeft de afstand aan. Hoe langer de dans, hoe verder de bron. Andere bijen lezen deze informatie af en vliegen precies naar de juiste plek.
Wetenschappers hebben de bijendans uitvoerig bestudeerd en ontdekt dat bijen zo nauwkeurig communiceren dat ze locaties op honderden meters of zelfs kilometers afstand doorgeven. Het is een van de meest verfijnde communicatiesystemen in het dierenrijk.
Bijen slapen écht
Veel mensen denken dat bijen dag en nacht actief zijn, maar dat klopt niet. Bijen slapen. Werksters rusten meerdere keren per dag, soms hangen ze roerloos aan een raat of kruipen ze in een lege cel. Hun antennen zakken naar beneden en ze reageren niet op prikkels. Jonge werksters slapen veel en onregelmatig. Oudere bijen slapen dieper en op vaste momenten, vlak voor zonsopgang.
Honingproductie: veel werk voor een klein potje
Om één kilo honing te maken, bezoeken bijen samen naar schatting twee tot vier miljoen bloemen. Een bij bezoekt per vlucht wel 50 tot 100 bloemen. Ze legt in haar leven bij elkaar zo’n 800 kilometer af, vergelijkbaar met de afstand Amsterdam naar Berlijn en terug.
De nectar die een bij meeneemt, wordt in haar honingmaag tijdelijk opgeslagen. Terug in de korf geeft ze de nectar door aan andere werksters, die hem verder inwerken. Door verdamping en toevoeging van enzymen verandert de nectar langzaam in honing. Pas als het vochtgehalte laag genoeg is, sluiten de bijen de cel af met bijenwas.
Bijen zijn van levensbelang voor ons voedsel
Ongeveer een derde van alles wat mensen eten, is afhankelijk van bestuiving door bijen en andere insecten. Dat gaat om appels, aardbeien, tomaten, amandelen, komkommers en nog veel meer. Zonder bijen zouden deze gewassen niet of nauwelijks vruchten dragen. Boeren in landen waar bijenpopulaties sterk zijn afgenomen, moeten soms met de hand bestuiven, een enorm tijdrovend en kostbaar werk.
Bijengif en steek: wat klopt er niet?
Een veelgehoord weetje over bijen is dat ze maar één keer kunnen steken en daarna sterven. Dat klopt alleen voor de honingbij (en alleen als ze een zoogdier steken). Het weerhaakvormige angel blijft dan steken in de huid, en de bij trekt haar ingewanden eruit. Hommels en wespen hebben een gladde angel en kunnen meerdere keren steken.
Bijengif is trouwens voor de meeste mensen niet gevaarlijk. Een gewone steek doet pijn en zwelt op, maar gaat vanzelf over. Alleen mensen met een bijengiftallergie lopen een serieus risico. Zij kunnen na een steek een heftige allergische reactie krijgen en hebben vaak een noodspuit (adrenaline) nodig.
Wilde bijen versus honingbijen
Als mensen aan bijen denken, bedoelen ze meestal de honingbij. Maar er bestaan in Nederland en België naar schatting meer dan 350 soorten wilde bijen. De meeste leven solitair, dus zonder korf of koningin. Denk aan metselbijen, zandbijen en maskerbijen. Ze maken kleine nestjes in de grond, in spouwmuren of in dood hout. Ze zijn stuk voor stuk even belangrijk als bestuivers, maar veel minder zichtbaar.
Bijen zijn daarmee een van de meest gevarieerde en fascinerende insectengroepen ter wereld. Van die duizelingwekkende vleugelslag tot de precisie van de bijendans: elk weetje over bijen laat zien hoe ingewikkeld zo’n klein diertje eigenlijk in elkaar zit.

