Hyena’s zijn veel interessanter dan de meeste mensen denken. Ze staan bekend als aaseters, maar in werkelijkheid zijn ze uitstekende jagers die zelf het grootste deel van hun voedsel vangen. Hieronder vind je de meest opvallende hyena weetjes op een rij, van hun bijzondere lach tot de sterke sociale structuur van hun groep.
Er zijn vier soorten hyena’s, en de gevlekte is de bekendste
Veel mensen denken dat er maar één soort hyena bestaat, maar de hyenafamilie telt vier verschillende soorten: de gevlekte hyena, de gestreepte hyena, de bruine hyena en de aardwolf. De gevlekte hyena is de grootste, luidruchtigste en agressiefste van de vier. Dat maakt hem ook het meest zichtbaar in de natuur en de meest bekende soort voor mensen.
De aardwolf valt een beetje buiten de boot: hij lijkt uiterlijk op zijn familieleden, maar eet bijna uitsluitend termieten. Hij heeft zelfs geen sterke kaken nodig voor vlees en heeft daardoor veel kleinere tanden dan zijn neven en nichten.
Hyena weetjes over hun lach: wat betekent dat geluid?
Het kenmerkende “lachen” van de hyena is eigenlijk geen lach van plezier. Het is een geluid dat de dieren maken om contact te leggen met andere groepsleden, of om spanning en opwinding aan te geven, bijvoorbeeld tijdens het eten of bij gevaar. Het geluid lijkt op een hoge, giechelige roep en kan over grote afstanden worden gehoord, soms tot wel 8 kilometer ver.
Naast dit bekende geluid maken gevlekte hyena’s nog meer klanken: grommen, jankende kreten en een soort huilend roepen dat “whooping” wordt genoemd. Met dat roepen houden groepsleden contact als ze ver uit elkaar zijn.
De kaken van een hyena behoren tot de sterkste van alle landdieren
Een van de meest indrukwekkende hyena weetjes gaat over hun bijtkracht. Hyena’s kunnen botten kraken die andere roofdieren laten liggen. Dat maakt ze ecologisch gezien heel waardevol: ze ruimen restanten op die anders zouden blijven liggen. Niets gaat verloren bij een hyena, zelfs hoeven en schedels niet.
Die sterke kaak heeft ook een keerzijde: de kop van een hyena is opvallend groot en zwaar vergeleken met de rest van het lichaam. Hun achterpoten zijn korter dan hun voorpoten, waardoor ze een typische schuinlopende manier van bewegen hebben.
Vrouwtjes zijn de baas in de groep
Bij gevlekte hyena’s leiden de vrouwtjes de groep, die een “clan” wordt genoemd. Een clan kan bestaan uit een paar dieren tot wel tachtig individuen. Het vrouwtje dat aan de top staat, krijgt de beste stukken vlees en heeft het meeste te zeggen over de clan. Zelfs haar jongen hebben een hogere rang dan de volwassen mannetjes van de groep.
Vrouwtjes zijn ook fysiek groter dan mannetjes, wat zeldzaam is onder zoogdieren. Dit omgekeerde verschil in grootte hangt samen met hun dominante rol in de sociale structuur.
Ze jagen veel meer dan mensen denken
Het beeld van de hyena als pure aaseter klopt niet. Gevlekte hyena’s zijn actieve jagers die een groot deel van hun voedsel zelf vangen. Ze jagen in groepen op grote dieren zoals gnoes, zebra’s en waterbokken. Onderzoek laat zien dat op sommige locaties meer dan de helft van hun voedsel afkomstig is van eigen vangst.
Grappig genoeg is het eerder andersom: leeuwen stelen regelmatig prooien van hyena’s, niet de hyena van de leeuw. Die combinatie van feit en het negatieve imago van hyena’s heeft waarschijnlijk lang voor een verkeerd beeld gezorgd.
Hyena’s zijn goede moeders met een bijzondere zwangerschap
Een vrouwtjeshyena draagt haar jongen gemiddeld zo’n 110 dagen. Ze brengt meestal twee tot drie jongen per worp ter wereld. Bijzonder: de jongen worden geboren met al volledig geopende ogen en kleine maar scherpe tanden. Ze zijn meteen alert op de wereld om hen heen.
Moeders zorgen intensief voor hun jongen en zogen ze soms meer dan een jaar. Hyenajong groeien langzaam op vergeleken met andere roofdieren van vergelijkbare grootte, wat betekent dat moeders lang energie in hun nakomelingen steken.
Ze leven in grote delen van Afrika en een klein stuk van Azië
Gevlekte hyena’s leven in sub-Saharaans Afrika, van de savanne tot de bosranden. Gestreepte hyena’s hebben een veel groter verspreidingsgebied: van Noord-Afrika tot in delen van het Midden-Oosten en het Indiase subcontinent. Ze zijn daarmee een van de weinige grote roofdieren die zowel in Afrika als in Azië voorkomen.
Hyena’s passen zich goed aan verschillende omgevingen aan. Ze leven niet alleen in open graslanden, maar ook in drogere gebieden en zelfs in de buurt van bewoonde gebieden, waar ze soms als lastdier worden gezien maar tegelijk een belangrijke opruimfunctie vervullen.
Hyena’s zijn slim, sociaal en veel capabeler dan hun imago doet vermoeden. Of het nu gaat om hun ijzersterke kaken, hun matriarchale clanstructuur of hun verrassende jachtgedrag: bijna elk hyena weetje bewijst dat dit dier recht verdient op meer respect dan het gemiddeld krijgt.

